De buis

Ik moet eerlijk zeggen dat ik niet snel geïnspireerd raak door het speelgoed dat tegenwoordig voor de kinderopvang wordt aangeboden. Veel materiaal is teveel 'bedacht' door volwassenen en stuurt aan op één specifieke activiteit of uitkomst. Het laat weinig ruimte voor eigen invulling, verwondering of experiment.


25 jaar geleden, tijdens de verbouwing van Het bonte Huis in het sfeervol pandje aan het Spaarne, ontdekte ik dat mijn kijk op spelmateriaal en spel van kinderen fundamenteel anders is dan gangbaar.

In een hoek stond een grote, stevige buis van geperst karton, waarop het marmoleum was aangeleverd. Mijn eerste gedachte was: *Die is van mij.


De eerste kinderen die ik mocht verwelkomen, gingen meteen met de buis aan de slag. Ze kleurden hem in, onderzochten hem, en maakten hem eigen.

Sindsdien is het mijn ‘paradestuk’ gebleven.


Wat deze buis zo bijzonder maakt, is dat het niets vastlegt. Het is geen 'speelgoed' met een handleiding of doel. Het is open materiaal — en juist daarin schuilt de kracht.


Wanneer de ballen in de lucht vliegen of het spel te druk wordt, hoef ik alleen maar te vragen: 'Zal ik de buis even gaan halen?' en het spel verandert van richting.

Niet omdat ik het stuur, maar omdat het materiaal er om vraagt en iets nieuws uitlokt. Kinderen gaan slepen, bouwen, rollen en samenwerken. Ze onderzoeken hoe de buis werkt, hoe zwaar hij is, hoe je erop kan schommelen, er doorheen kan kijken en hoe je hem het beste kunt neerleggen zodat een bal erdoorheen rolt.


Hier gebeurt iets wezenlijks: kinderen worden eigenaar van hun spel. Ze bedenken zelf oplossingen, stemmen op elkaar af en leren door te doen. Samenwerken ontstaat niet omdat het moet, maar omdat het nodig is.

Juist op een verticale groep wordt dit nog duidelijker zichtbaar. Jonge en oudere kinderen spelen samen, leren van elkaar en spiegelen zich voortdurend. De oudsten nemen vanzelf initiatief, proberen dingen uit en helpen de jongsten op weg. De jongsten kijken, imiteren, proberen en verrassen weer met hun eigen ontdekkingen. Het spel wordt daardoor rijker, socialer en betekenisvoller — zonder dat het gestuurd hoeft te worden.


De buis daagt uit, als er iets vast komt te zitten, los ik dat niet meteen op. Ik blijf kijken, soms met mijn handen in mijn zij, en zeg: 'Ja… verstopt!'

Daarmee geef ik ruimte. En waar kinderen de ruimte krijgen start het vrije spel. Ruimte om iets uit te zoeken, te proberen, te falen en opnieuw te ontdekken.


Ook het gewicht van de buis vraagt om kracht en coördinatie. Het erop zitten, eraf glijden, het onverwachte moment waarop hij met een klap naar beneden valt — het zijn ervaringen die kinderen helpen hun lichaam en de wereld om hen heen meer te ervaren. Natuurlijk binnen veilige grenzen, maar zonder alles vooraf dicht te regelen.


Wat de buis mij al die jaren heeft geleerd, is dit:

Goed spelmateriaal hoeft niet af te zijn. Sterker nog, hoe minder het vastligt, hoe rijker het spel wordt.

In een tijd waarin veel voor kinderen wordt ingevuld, is het misschien juist onze taak om ruimte te laten. Ruimte voor fantasie, voor eigen initiatief, voor verwondering.

Misschien is dat wel de kern van mijn pedagogische visie: Niet alles aanbieden, maar soms juist iets 'overlaten'.

En soms… is een eenvoudige kartonnen buis dan meer waard dan welk doordacht speelgoed dan ook.


Barbara Gerlach

Het bonte Huis

Reageren